Zoeken

Achtergrond
De Commissie Lexicografische Vertaalvoorzieningen (CLVV) zorgde eind vorige eeuw, begin deze eeuw voor de ontwikkeling van een groot aantal tweetalige woordenboeken van en naar het Nederlands (o.a. Nederlands-Arabisch, Deens, Estisch, Fins, Indonesisch, Italiaans, Nieuwgrieks, Portugees; voor een volledig overzicht zie Martin (2007:228)). Het betrof met name talenparen die op de commerciële markt niet spontaan aan bod kwamen. Het doel van het project Vertaalwoordenschat is om de digitale versies van deze vertaalwoordenschatbestanden online ter beschikking te stellen aan gebruikers. Het woordenboek Nederlands-Nieuwgrieks en Nieuwgrieks-Nederlands is het eerste taalpaar dat via het online platform ontsloten is. In de toekomst zullen andere taalparen volgen.
Nederlands-Nieuwgrieks en Nieuwgrieks-Nederlands
Woordenboek
Het project voor de ontwikkeling van een woordenboek Nederlands-Nieuwgrieks en Nieuwgrieks-Nederlands is een initiatief geweest van de Commissie Lexicografische Vertaalvoorzieningen (CLVV) van de Nederlandse Taalunie. Het project liep van 1998 tot 2007 en de redactie van de woordenboeken Nieuwgrieks vond plaats aan de Universiteit van Amsterdam o.l.v. prof. dr. Arnold van Gemert en prof. dr. Marc Lauxtermann.
Het woordenboek Nieuwgrieks is ontstaan uit het verlangen van pater M.F. van Pinxteren (Societas Verbi Domini) om na zijn pensionering een blijvende bijdrage te leveren aan het Nieuwgrieks. Hij heeft vele jaren aan de voorbereiding van het aan de Universiteit van Amsterdam ontworpen woordenboekprogramma DictEdit (van Pieter Masereeuw en Iskander Serail) gewerkt. En tot zijn onfortuinlijke dood in het jaar 2003 heeft hij het team voortdurend met correcties, adviezen en suggesties terzijde gestaan.
Het project is gefinancierd door de CLVV, door diverse organen van de Universiteit van Amsterdam en door de Societas Verbi Domini. Vanuit Griekenland is het project gesteund door het Ministerie van Cultuur, de Alexander Onassis Cultural Foundation, de Levendis Foundation, het Ministerie van Buitenlandse Zaken/Staatssecretariaat Grieken in het buitenland en door het Ministerie van Onderwijs en Cultuur van Cyprus. Daarnaast is een subsidie ontvangen van twee Griekse vestigingen van Nederlandse multinationals, Friesland Hellas en ΕΛΑΪΣ.
Er mocht geput worden uit de drie eentalige Griekse woordenboeken van prof. E. Kriaras¹, prof. G. Babiniotis² en het Ινστιτούτο Νεοελληνικών Σπουδών/ Ίδρυμα Μανόλη Τριανταφυλλίδη, waar het derde woordenboek ontwikkeld is³.
De woordenboeken verschenen eerder gedrukt in 2008 in de reeks Prisma Groot Woordenboek bij uitgeverij Unieboek Het Spectrum.

¹ Εμμ. Κριαράς, Νέο Ελληνικό Λεξικό της σύγχρονης δημοτικής γλώσσας, γραπτής και προφορικής, ορθογραφικό, ερμηνευτικό, ετυμολογικό, συνωνύμων. αντιθέτων, κύριων ονομάτων, Αθήνα 1995.
² Γεώργιος Δ. Μπαμπινιώτης, Λεξικό της νέας ελληνικής γλώσσας με σχόλια για τη σωστή χρήση των λέξεων, ερμηνευτικό, ετυμολογικό, ορθογραφικό, συνωνύμων-αντιθέτων, κύριων ονομάτων, επιστημονικών όρων, ακρωνυμιών, Αθήνα 1998.
³ Λεξικό της κοινής νεοελληνικής. Αριστοτέλειο Πανεπιστήμιο Θεσσαλονίκης. Ινστιτούτο Νεοελληνικών Σπουδών [Ίδρυμα Μανόλη Τριανταφυλλίδη], Θεσσαλονίκη 1998.
Projectteam:
Hoofdredacteuren: prof. dr. Arnold van Gemert en prof. dr. Marc Lauxtermann;
Bureauredacteuren: drs. Marjolijne Janssen en drs. Marietje Wennekendonk-Visser;
Redacteuren: drs. Maria Boletsi, drs. Arthur Bot, drs. Tatiana Markaki, Jelmer Nicolai BA, drs. Dimitra Schotman en drs. Ritsa Zervou.
Technische ondersteuning: drs. Isa Maks en drs. Marjolijne Janssen
Begeleidingscommissie: prof. Dr. Ton Naaijkens (voorzitter), dr. Riki van Boeschoten, dr. Katja de Herdt, dr. Guy Vandermeulen (leden). Drs. Jeanette Ploeger, drs. Ilse van Bladel, drs. Annemieke Hoorntje (secretaris).
Raad van lezers: drs. Natasa Apostolidou, prof. Wim Bakker, drs. Agnes Dijk, drs. Joost van Gelder, dr. Hero Hokwerda, drs. Laurien ten Houten, dr. Marietta Ioannidou, Pinelopi Motsenigou, mr. Marianne Moussault, drs. Dimitra Schotman.
CLVV: prof. Dr. W. Martin (voorzitter)
Inhoud
Het Nederlands van het woordenboek is gebaseerd op het Referentiebestand Nederlands (RBN; Van der Vliet 2005) dat door de redactie vertaald is naar het Nieuwgrieks. Het Nederlands-Nieuwgriekse deel telt ca. 35.000 trefwoorden en het Nieuwgrieks-Nederlandse telt ca. 26.500 Nieuwgriekse trefwoorden. De discrepantie tussen het aantal Nederlandse en Griekse trefwoorden is gelegen in het feit dat het Nederlands meer samenstellingen kent dan het Grieks. Het zegt niets over de rijkdom van de woordenschat van het Grieks, of die van het Nederlands.
Het woordenboek beschrijft het hedendaagse Grieks en Nederlands, zoals dat geschreven en gesproken wordt door de ontwikkelde spreker van de moedertaal. Omdat de Griekse taal sterk in ontwikkeling is, is het niet altijd even gemakkelijk om te bepalen wat aanvaardbaar Grieks is en wat niet, en het is goed denkbaar dat de delicate balans tussen volksere en geleerdere vormen in sommige gevallen uiteindelijk naar een andere kant dan door de redactie gekozen, doorslaat. Het kan dus zijn dat bijna 10 jaar na publicatie van het gedrukte woordenboek in 2008, sommige trefwoorden en vertalingen geactualiseerd moeten worden.
In beide talen is ervoor gekozen om in het geval van cultuurbepaalde begrippen, die amper te vertalen zijn, een zo helder en alomvattend mogelijke omschrijving te geven. Deze wordt voorafgegaan door een zwarte stip.
Opbouw van het artikel
De opbouw van de artikelen is als volgt:
Opbouw van het artikel
trefwoord
lidwoord
woordsoort
vertaling
meervoudsvormen
cultuurgebonden vertaling
Als scheidingsteken tussen verschillende informatie-onderdelen is de ';' gebruikt, ook in het Nieuwgrieks-Nederlandse deel. Voor de Griekse gebruiker is het van belang om te weten dat hier geen sprake is van een vraagteken.
Verschillen tussen het papieren woordenboek en de onlineversie
De onlineversie van het woordenboek komt niet een op een overeen met de gedrukte versie. Correcties en aanpassingen die destijds zijn aangebracht op de drukproeven zijn namelijk niet verwerkt in de digitale bestanden, die de input vormen voor de onlineversie.
Daarnaast worden homoniemen in het gedrukte woordenboek onderscheiden door een nummer in superscript achter het trefwoord. In de onlineversie zijn het losse artikelen, die na elkaar getoond worden.
Achter in de gedrukte versie van het Nieuwgrieks-Nederlandse woordenboek treft men een grammaticaal overzicht aan met informatie over verbuigingen en vervoegingen. Bij Griekse trefwoorden is in de gedrukte versie een code opgenomen, die naar dit grammaticale overzicht verwijst. In de onlineversie ontbreken de codes en het grammaticale overzicht.
De Nederlandse trefwoorden in de onlineversie zijn gecontroleerd op spelling en indien nodig aangepast aan de huidige spelling (cf. Groene Boekje 2015). Dit geldt nog niet voor alle glossen en voorbeeldzinnen. Die zullen in een latere fase gecontroleerd en eventueel aangepast worden.
Met uw hulp kunnen wij de vertaalwoordenschat steeds verder verbeteren en actualiseren. Suggesties voor verbeteringen kunt u doorgeven op vertaalwoordenschat@ivdnt.org
Bibliografie
Martin, W. 2007. ‘Government policy and the planning and production of bilingual dictionaries: the ‘Dutch’ approach as a case in point’ in: International Journal of Lexicography. 20.3, 221-237.
Van der Vliet, H. 2005. ‘Digitale bronnen voor het Nederlands: het Referentiebestand Nederlands (RBN)’ in: J. van Parijs (ed.), De neerlandistiek in het digitale tijdperk. Namur: Van Thilt, 11-38.